Pensioenaanspraken:

 

 

 

 

"eigen vermogen onder curatele."

Retour

Financiële doelstellingen gaan niet zozeer over geld, maar over het (toekomstige) vermogen om goederen en diensten te kunnen financieren.

 

Een 35 jarige man wenst dat vanaf zijn 65e verjaardag aan hem levenslang een pensioen wordt uitgekeerd van € 30.000 per jaar en vraagt een pensioen offerte. 

Opgave tussenpersoon.
Benodigd kapitaal op uw 65e jaar:              € 364.000
Jaarlijkse premie vóóruit                            €     8.000
Bij vooroverlijden géén uitkering of restitutie van premie, en eveneens geen premievrijstelling bij arbeidsongeschiktheid.


Een eenvoudige interest berekening geeft aan, dat het feitelijke rendement op de premies niet meer dan    2,589% s.i. per jaar is.
De offerte vermeldt ook, dat als er "winst" wordt gemaakt er ook een hoger kapitaal zal worden uitgekeerd. En wel:
Op basis van gemiddeld historisch winstdelingspercentage:  € 660.446
En op basis van historisch winstdelingspercentage na afslag: € 510.146
De hierbij behorende te verwezenlijkte rendementen zijn: 4,35% en 3,12%
Al met al niet echt rendementen waar de doorsnee (lange termijn) belegger van droomt.  

Daarbij komt, dat de maatschappij er blijkbaar zelf niet voldoende van overtuigd is dat die rendementen ook werkelijk zullen worden gehaald.
We analyseren de offerte wat nauwkeuriger.
Zou de man de € 8.000 op een beleggingsrekening hebben gezet en een rendement maken van: 6% voor belegd kapitaal dat langer dan nog 15 jaar uitstaat, 5% als dat kapitaal meer dan 5 jaar zal uitstaan en 4% als de restduur minder is dan 6 jaar.
Het eindresultaat zal dan € 564.776 zijn!
Van het zodanig berekende eindresultaat, zou gedurende ruim 30 jaar 

€  30.000 kunnen worden opgenomen, dus tot 95 jaar.
De verzekeraar was bereid dat bedrag levenslang uit te keren.
En inderdaad, er zijn mensen die de gezegende leeftijd van 95 jaar overschrijden. Om precies te zijn: 1% van de 30 jarige mannen en 4% van de 30 jarige vrouwen. (GBM/GBV 2000-2005)
Ondanks alle nadelige elementen worden er nog steeds pensioenpolissen afgesloten. De fiscus is namelijk zeer vriendelijk als het gaat om pensioen- opbouw. Zo worden pensioenlasten niet beschouwd als belastbaar inkomen en is het onderliggende vermogen vrij van belasting
De uitkeringen zijn echter wel belast. 1)
Schuldeisers kunnen niet aan de opgebouwde rechten komen zolang deze niet worden uitbetaald
1) Menig adviseur zal hierbij terecht aantekenen dat de belasting druk voor 65+ lager is dan die voor jongere belastingplichtigen. Hierbij moeten we ons wel realiseren, dat jongere mensen dikwijls al gebruik maken van "belastingaftrek" in verband met hun nog niet afgefinancierde koopwoning.
Het belastingvoordeel kan daardoor aanzienlijk lager uitvallen dan de gebruikelijk gehanteerde besparing van 50% Daarbij komt dat het niet onwaarschijnlijk is, dat in het inkomsten belasting voordeel voor 65 plussers niet onaanzienlijk zal worden verminderd zo niet geheel wordt afgeschaft!

 We maken een nieuwe vergelijking waarbij ook de belastingdruk zal worden meegenomen. We gaan er nu vanuit, dat de fiscus 40% van de uitkering wensen te ontvangen

.
In dit voorbeeld zal de pensioengerechtigde na belasting € 18.000 overhouden.
Het belasting voordeel stellen we gedurende de opbouwperiode op 50%
De netto lasten worden dan € 4.000 per jaar.
De opbrengst van deze € 4.000 per jaar op een normale beleggingsrekening wordt dan € 282.388 Wil hij jaarlijks ook € 18.000 netto van zijn kapitaal opnemen, dan kan hij dit tot aan zijn 88e jaar volhouden. Wederom wellicht korter dan de levenslange uitkering.
De zekerheid dat ook na het bereiken van de 88 jarige leeftijd het pensioen nog steeds wordt uitgekeerd heeft wel een prijs. -
* Bij eerder overlijden zal het opgebouwde kapitaal bij de verzekeraar blijven.
* Eerder kapitaal aanwenden dan op de uitkeringsdatum is niet toegestaan.

(De verzekeraar kan daar niet aan meewerken omdat dan zijn "sterftewinst" vervalt. Hij heeft daar immers al rekening mee gehouden bij de berekening van de premie.)
Wrang wordt dat, als de verzekerde op zijn 60e jaar ernstig ziek zou worden, geen uitzicht meer heeft op een lang leven en zijn opgebouwde spaargelden zou willen besteden om zijn resterende levensjaren zo comfortabel mogelijk in te richten.
* Bij huwelijksontbinding van de verzekerde, zal hij tot 50% van zijn opgebouwd pensioen moeten overdragen aan zijn ex-echtgenote, ongeacht het bestaan van huwelijkse voorwaarden.
* Eerdere beëindiging van zijn overeenkomst door afkoop is zowel fiscaal als juridisch vrijwel onmogelijk.

De verzekerde kan natuurlijk wel ophouden met het betalen van de premie. De hoogte van de dan opgebouwde waarde wordt echter uitsluitend bepaald door de maatschappij die op zo'n moment ook (fikse en weinig doorzichtige) kosten met de opgebouwde waarde zal verrekenen.

* Bij zelf sparen/beleggen kan de cliënt gedurende de gehele periode zelf beschikken over zijn opgebouwd vermogen.
Eerder ophouden met werken, of die wereldreis? Kan allemaal.
Het opgebouwde kapitaal valt immers niet onder de pensioenwetgeving
* Bij wisseling van werkgever is er geen "pensioenbreuk"
* Gedurende de opname periode zijn er niet meerdere uitkeringsorganen die de uitbetaling moeten verzorgen.

 

Conclusie: 

Pensioenopbouw volgens de huidige fiscaal- juridische voorwaarden,

berust op verouderde aannames 

is onnodig kostbaar

te complex en 

stelt de begunstigde onder curatele.

is anno 2011 + een wanproduct

Overigens


Dat de werkgever meebetaalt aan de pensioenopbouw is een wel erg naïeve veronderstelling. De werkgever kan dat immers alleen maar financieren uit de opbrengsten van de factor arbeid. Hij zal dus het salaris en pensioenlasten hierop moeten afstemmen. Niks premievrij pensioen of bijdrage van de werkgever.

  Het is een sigaar uit eigen doos die bij terugontvangst al gedeeltelijk is opgerookt!
Overigens is de aftrekbaarheid van pensioenlasten geen verdienste van de verzekeraars. Het is de wetgever die zulks (op welhaast extreme voorwaarden) mogelijk maakt.  Het uitsluitend de verzekeraar verwijten dat daar (te) hoge kosten worden gemaakt en de verzekerde in feite onder curatele stelt is mede daarom niet redelijk.
De eisen van de fiscus en wetgeving aan de pensioenuitvoerder zoals inhouding belasting, de verplichting om jaarlijkse opgaven te vertrekken enz. zijn onnodig kosten verhogend en betuttelend.
Anno 2011 en verder kunnen individuele mensen uistekend zelf het belastingformulier invullen. Een bezigheid die vele gepensioneerden met meer dan één uitkeringsorgaan al doen.